Close

Chillen met je billen (64)

HET TOILET EN ZIJN CHARME...

Als we het durven toegeven vertoeven we toch een redelijk groot deel van ons leven in het veilig beschutte hokje, wat we het toilet genoemd hebben.

Met name op ons werk zullen we er nog wel eens onze toevlucht nemen naar dit rustige plekje op aarde. Zelfs als we niet echt moeten.

In dit nieuwe hoofdstuk van mijn roman Heiligdom van Liefde neem ik je heel graag mee op mijn ontdekkingstocht binnen dit hokje, want dat is het toch meestal.

Wat ben ik blij met de uitvinding van de wc.

Dit natuurlijk allemaal met een knipoog. Een dagje op kantoor, niet zo lang geleden.

The whole world is my toilet.

Loesje

IK MOEST NAAR DE WC

Wat is het toch fijn dat er toiletten bestaan, waardoor we een excuus hebben om even weg te glippen. Weg uit de wereld van snelheid en drukte. Even vrij van de verwachtingen, die anderen van ons hebben maar nog erger die wij toch altijd weer van onszelf hebben.

Daar op de toiletpot zittend met je broek aan je enkels, je hoofd gebogen kwam je tot rust. Even niemand die keek. Zelfs je eigen veroordelende blik naar jezelf, ontspande even.

Hier kun je zijn wie je bent. Nou ja bijna, meestal.

In een openbaar toilet, dus ook hier, hield je toch nog rekening met de geluiden die je voordroeg. Je billen bij elkaar houdend bij het er uit persen van de lasten. Oplettend dat er toch geen geluidje zou ontsnappen. Of je moest er echt van overtuigd zijn dat er zich niemand anders bevond in de toiletcabines naast je. Tenminste zo ging het op het damestoilet.

Ik had geen idee hoe het er aan de andere kant van de gang aan toe ging, in die van de heren. Ik nam aan dat we wat dat betreft wel op elkaar leken en wilden we dat niemand ons hoorden, ook al schotelden de series op televisie ons iets anders voor.

Wij vrouwen voelden ons toch wel heel gauw (misschien te snel?) gênant. Er was niemand met mij de toiletten in gekomen. Kon ook bijna niet anders, als je de dames telde die nu op de afdeling waren. Het kopie meisje had vakantie. Dus bleef alleen ik over.

Ik ademde nog even heel diep in en weer uit. Dat was een vaste gewoonte geworden om even terug te komen bij mezelf, de rust in mij. Diep inademen door mijn neus, iets verder dan ik normaal deed. Even vasthouden en daarna snel en krachtig uitademen. Als een puf. Dit ontspande de hele borstkas zei men.

Na vier keer zo bewust in en uitademen besloot ik dat diegene gelijk had. En zo werd het een gewoonte voor als ik naar het toilet ging.

Terwijl het dagelijks leven doorging, gaf ik me over aan een moment van gelukzalige vergetelheid. Onbegrensd en uitgestrekt. Alleen met mij. Ademend, in en weer uit.

In de ontspanning van mijn spieren, voelde ik de wereld rustiger worden, om mij heen. Ademen, diep ademen, ademen en nog dieper ademen en ik was weer lekker in rust en bij en in mezelf. Klaar om weer uit mezelf te gaan en weer door te gaan met werken.

Maar ik hoefde eigenlijk weinig te doen. Was aanwezig zijn in het pand waar je normaal onder werktijd bent al werken, vroeg ik me af? Werken was toch vooral bezig zijn, vond ik. Ik zat alleen maar te zitten in de vergadering. Deed niets wat op werken leek. Tenminste nog niet.

Ik moest na de vergadering een samenvatting schrijven van alle belangrijke items in zo min mogelijk woorden. Voor mij ideaal. Ik houd niet zo van de lange verhalen met veel  extra’s eromheen. Doe mij maar to the point, duidelijk zeggend wat er te zeggen valt en punt. Heel mannelijk eigenlijk. Door naar het volgende.

 

Aan de andere kant was het toch ook wel heuse arbeid, besefte ik. Want in mijn vrije tijd zou ik hier nooit voor kiezen. En ik werd betaald voor de tijd dat ik hier zat. Zelfs hier op het toilet, diep ademhalend. Zou iets alleen werk genoemd worden als je er voor betaald kreeg?

 

Maar dan zou vrijwilligerswerk, dus eigenlijk geen werk zijn. Volgens het woordenboek hoort het woord werk erachter, dus mijnheer van Dale vindt van wel. Ik moest dit natuurlijk ook vinden anders zou het zo respectloos zijn naar al die vrouwen en soms ook mannen die onbetaald door weer en wind hun liefde en hulp aanbieden zonder verwachtingen.

 

Lees: als ze me maar aardig vinden.

 

Toch ook heel bewonderingswaardig.

 

Net als ik in mijn kostbare leven ervoor koos om het grootste deel van mijn tijd op aarde te doen wat ik niet wilde doen. Alleen maar om de huur te betalen, zodat ik met mijn kind niet op een bankje hoefde te slapen in het openbaar.

Daarvoor verdien ik toch eigenlijk ook wel een beetje waardering.

Maar aan de andere kant geldt dit ook voor de vele alleenstaande werkende vrouwen met mij en voor bijna elke man. De echtgenoten en vaders die hun hele leven werken om de kinderen te voeden en om de vrouw het geld te kunnen overhandigen voor de boodschappen die weer voor het maal nodig zijn voor de mannen zodat zij de lange werktijden kunnen volhouden.

Vreemd patroon hebben we eigenlijk geschapen met elkaar.

…wordt vervolgd…

 


Hier komen oplossingen nog wel eens vanzelf…

 

Foto door Miriam Alonso
Wil je de eerde delen van mijn boek Heiligdom van Liefde lezen? Je vind ze hier.

VAKANTIEGEVOEL 

Ik loop op het werk
al met een toiletrol over de gang.

Loesje

svg1 min read

Leave a reply